Advocatenkantoor Dirk De Keuster

Actualiteit

Burenhinder én de aannemer

In het NJW van 21 november 2012 staan twee interessante passages met betrekking tot burenhinder. In dit nummer wordt het arrest van het Hof van Cassatie dd. 4 juni 2012 gepubliceerd. Het Hof bevestigt in dit arrest zijn rechtspraak dat voor de toepassing van het leerstuk van de burenhinder op grond van artikel 544 B.W. enkel kan worden ingeroepen tussen titularissen van onderscheiden delen van eigendom. Het begrip "titularissen" verwijst naar het feit dat niet enkel eigenaars een beroep kunnen doen op de burenhinder doch ook huurders. Wel blijft vereist dat de vordering wordt ingesteld tussen "naburige erven". De vordering tussen gebruikers van een zelfde loods bestemd voor de winterberging van hun vaartuigen, kan dan ook niet onder de toepassing worden gebracht van het leerstuk van de burenhinder (Cass. 4 juni 2012, NJW nr. 271, 2012, 725, noot IB). in hetzelfde nummer is een juridische bijdrage opgenomen van Joyce Maes over vrijwaringsbedingen. Deze auteur besteedt aandacht aan de toepassing van de burenhinder ten aanzien van aannemers. De auteur verwijst naar het feit dat een vordering voor burenhinder nooit tegen een aannemer rechtstreeks kan worden ingesteld. Deze aannemer beschikt immers niet over rechten op het naburig erf. De aannemer kan de bouwheer wel vrijwaren tegen de aanspraken van de buren op grond van artikel 544 B.W. De meerheidsopvatting bestaat er in dat een dergelijke vrijwaring uitdrukkelijk moet zijn bepaald tussen bouwheer en aannemer. J. MAES, "vrijwaringsbedingen", NJW nr. 271, 2012, 698. Lees verder

Briefwisseling over andere inschrijver bij overheidsopdrachten kan (verboden) reclame zijn

Het Hof van Beroep te Gent oordeelde dat een brief van een inschrijver aan een aanbestedende overheid waarin deze inschrijver andere inschrijvers in een slecht daglicht plaatst enerzijds reclame betreft in de zin van artikel 2, 19° WMPC en anderzijds ook verboden afbrekende reclame zoals bepaald in artikel 96, 2° WMPC. De voorzitter van de Rechtbank van Koophandel kan dan ook een stakingsbevel opleggen. Gent, 16 januari 2012, NJW 2012, 681. Lees verder

zorgplicht in het Archeologiedecreet houdt niet in dat eigenaar verplicht wordt om zelf opgravingen te doen

In het NJW van 7 november 2012 werd het arrest van het Hof van cassatie gepubliceerd van 23 februari 2012. in dit arrest oordeelde het Hof dat de zorgplichtregeling zoals bepaald in artikel 4, §2 van Decreet van 30 juni 1993 houdende de bescherming van het archeologisch patrimonium, niet onbegrensd is. Deze zorgplicht gaat niet zover dat de eigenaar kan verplicht worden om op eigen kosten archeologische opgravingen uit te voeren alvorens hij een stedenbouwkundig vergunde werken kan aanvatten indien de Vlaamse regering geen gebruik maakt van haar recht om opgravingen tot algemeen nut te verklaren. Er is een noot toevoegd : JT, "Het archeologiedecreet en het eigendomsrecht: eindelijk met elkaar verzoend ?" Lees verder

Voorwaarden voor motivering door middel van verwijzing

In het TBP nr. 7 van 2012 is het arrest gepubliceerd van de Raad van State nr. 211.205 van 14 februari 2011. Dit arrest is interessant omdat het arrest de voorwaarden duidelijk weergeeft waaraan een motivering door verwijzing moet voldoen. Er zijn vier cumulatieve voorwaarden: 1) de inhoud van de stukken waarnaar verwezen wordt, moeten aan de betrokkene ter kennis zijn gebracht; 2) de stukken moeten zelf voldoende gemotiveerd zijn; 3) de stukken mogen niet tegenstrijdig zijn. 4) de adviezen moeten worden bijgevallen in de uiteindelijke beslissing. zie ook noot van Steven Denys, Motivering door verwijzing naar adviezen. Lees verder

Wijzigingen aan procedure voor de Raad voor Vergunningsbetwistingen

In het decreet van 6 juli 2012 houdende wijziging van de diverse bepalingen van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening wat de Raad voor Vergunningsbetwistingen betreft (B.S. 24 augustus 2012) heeft de Vlaamse decreetgever enkele wijzigingen aangebracht aan de werken en de procedure met als doelstelling de achterstand te doen afnemen. De meest vernieuwende wijziging betreft de invoering van de bestuurlijke lus. Dit houdt in dat de Raad bij tussenarrest een bestuur kan vragen om binnen een bepaalde termijn een onregelmatigheid in een beslissing te herstellen. Op die manier wordt een onregelmatigheid hersteld en kan de beslissing worden gehandhaafd zodat een vernietiging kan worden vermeden. Het decreet voert ook de mogelijkheid tot bemiddeling in. De vordering tot schorsing en tot verneitiging moeten voortaan, naar analogie bij de Raad van State, worden ingesteld in hetzelfde verzoekschrift. Zoals bij de Raad van State zal een partij die in de schorsingsprocedure in het ongelijk is gesteld, uitdrukkelijk de verderzetting van de procedure moeten vragen. Indien dit niet gebeurt, wordt de procedure tot vernietiging versneld. Er wordt tevens voorzien voor een versnelde procedure voor beroepen die doelloos, kennelijk onontvankelijk zijn of waarvoor de Raad kennelijk onbevoegd is. Tot slot kan de Raad ook een geldboete opleggen in geval van een kennelijk onrechtmatig beroep. Het decreet werd verder uitgevoerd in het besluit van de Vlaamse regering van 13 juli 2012 houdende de rechtspleging voor de Raad voor Vergunningsbetwistingen (B.S. 8 augustus 2012). Voor een bespreking van dit besluit verwijs ik naar het NJW nr. 268, 586. Het is maar de vraag of deze maatregelen voldoende zullen zijn om de achterstand weg te werken. Lees verder
RSS
First2324252628303132Laatste

Oplossingsgericht in:

  • Overheidsopdrachten en PPS
  • Bouw (ruimtelijke ordening, onteigening, aanneming)
  • Voedselveiligheid en medisch recht
  • Strafrecht

Duidelijke en doelgerichte aanpak in een heldere taal.

Advies, onderhandeling, bemiddeling en - indien nodig - procedure.